Het ultieme fotomoment (deel 2)

In deze nieuwe rubriek halen we een bijzonder Ajax zaterdag moment terug aan de hand van een unieke foto geschoten door onze huisfotograaf Rob van Vliet.

Deze aflevering: DE OMHAAL VAN REMKO BEERENS

“Vandaag mag ik, als de schrijver van de wedstrijdbelevingen van onze Zaterdag 1, de tekst van deel 2 van het ultieme fotomoment schrijven. Voor velen die mij kennen waarschijnlijk geen verrassing dat ik gekozen heb voor een foto uit het elftal het seizoen 2010 – 2011 uitkomend in de 1e klasse. Het team, dat onder leiding stond van Constantijn Schouten en Joey van Leijenhorst, baarde dat seizoen weinig opzien. Ajax wilde uiteraard opnieuw een gooi doen naar promotie richting de Hoofdklasse, maar slaagde daar geenszins in. DOVO werd kampioen met 67 punten. De voorsprong op de nummer 2 HBOK bedroeg maar liefst 20 punten. Waar stonden de Amsterdammers dan ? Ajax moest met 36 punten genoegen nemen met een teleurstellende 7e plaats. Dit ondanks een selectie met veel potentieel, maar soms loopt het gewoon even niet. Wel was Ajax verantwoordelijk voor één van de drie nederlagen van DOVO in dat seizoen (Ajax won thuis met 5-2).


Staand bovenste rij vlnr: Jan Fleijsman, Dick Goossens, Ben Kraanen, Constantijn Schouten, Joey van Leijenhorst, Rob Versluis, Mo Oumouh, Nico Schlette
Middelste rij vlnr: Gideon Coronel, Joey Lamptey, Kevin Hansen, Jordi Meester, Dennis van der Kraan, Paul Michielsen, Natano Wattimena, Wouter Kloes,
Onderste rij vlnr: Robin Telkamp, Melvin de Groot, Kevin Westmaas, Remko Beerens, Patrick van Dijk, Sergio Cameron, Jamal Ahaddouch, Bas ter Haak, Wouter Lastdrager

Waarom dan toch een foto met tekst voor deze rubriek? Ik neem u mee terug naar 2007 toen in Oostzaan OFC, onder leiding van trainer Ale van der Zee, bezig was aan een unieke opmars. Het promoveerde achter elkaar van de 5e klasse, naar de 4e en naar de 3e klasse KNVB. Mede verantwoordelijk op dat moment voor deze bestorming van de ranglijsten was aanvaller Remko Beerens. Hij liet diverse telramen exploderen met zijn doelpuntenproductie en groeide zo met name in de Zaanstreek uit tot een fenomeen. Op diverse zondagen, als ik niet in de Arena zat, genoot ik van zijn enorme meedogenloosheid en killersinstinct. Gekscherend zei ik eens tegen teammanager Jan Fleijsman: “Ik ken nog iemand die wij best kunnen gebruiken!”. Zeer waarschijnlijk stond Remko al op één van zijn lijstjes, maar ik had hem voor mijn gevoel toch getipt als mogelijk nieuwe aanwinst. Ondertussen is deze goalgetter van weleer nog steeds mijn collega op het werk. Toeval bestaat niet toch ? Het vervolg over hoe het verder ging leest u hieronder in het interview met deze sympathieke oud-Ajacied.”

In de nadagen van je carrière (je was inmiddels al 34 jaar oud) en na achtereenvolgens successen te hebben gehad bij IVV, OSV en OFC klopte Ajax opeens op je deur. Hoe ging dat ?
“Ter gelegenheid van de opening van het kunstgrasveld op het hoofdveld speelden (op 24 oktober 2009) wij een vriendschappelijk duel tegen Ajax zaterdag 1. OFC bivakkeerde op dat moment in de 3e klasse en had ook Lenny Macnack in de gelederen die ook een verleden had bij de Ajax amateurs. Lenny en ik vormden een meedogenloos koppel in deze dagen en laat ik in deze wedstrijd nu uiteindelijk de winnende treffer maken (3-2). Na afloop tijdens de feestelijke nazit vroeg teammanager Jan Fleijsman wat voor plannen ik had voor het volgend seizoen. Ik dacht dat Jan teveel had gedronken, want ik vond het namelijk wel mooi geweest en zou waarschijnlijk verder gaan in de veteranen. Toch wist hij mij te overtuigen van de ambities die Ajax had en mij daarin goed kon gebruiken. Enkele weken later zat ik op De Toekomst te praten met toenmalig trainer Constantijn Schouten en tekende ik mijn contract.”

Vertel eens hoe dat dan vervolgens ging in de voorbereiding qua niveauverschil en andere zaken. Je was bij OFC de gevierde man en moest nu onderaan de pikorde starten.
“Niet alleen het niveauverschil en de professionaliteit was vele malen hoger, maar ook natuurlijk de leeftijdsverschillen. Ik was uiteraard één van de selectiespelers en kon niet meer terugvallen op mijn OFC priviléges waar ik bijvoorbeeld soms maar één keer trainde.”

Er kunnen niet veel spelers zeggen dat ze mogen debuteren op een vol Sportpark De Toekomst tegen het eerste team van Ajax, de profs, waar Jan Vertonghen jouw mandekker was.
“Ik zei voor de wedstrijd tegen Jan Vertonghen. “Jan, ik mag meedoen vanmiddag hoewel ik inmiddels al gestopt ben met voetballen maar ik heb een prijsvraag gewonnen bij de ABN Amro bank.” Na afloop sprak ik nog met Martin Jol die aan mij vroeg of dit verhaal wel klopte … hilarisch toch ? Tijdens een luchtduel, die ik normaal altijd won van mijn tegenstanders, zag ik opeens Jan Verthongen ruim een halve meter hoger springen dan ik. Maar ik heb toch in deze wedstrijd zeker één keer op doel geschoten hahaha.”

Met wat voor gevoel en verwachtingen begon je aan dat seizoen en waarom liep het uiteindelijk anders dan je had voorgesteld ?
“Ik was natuurlijk apetrots om dat prachtige shirt te mogen dragen en dacht ik zie wel waar het eindigt. Maar al snel werden de plannen van de trainer duidelijk en daar paste Natano Wattimena, maar vooral Sergio Cameron beter in. Veel bewegen van links naar rechts, terug verdedigen enz. Ik wist eigenlijk wel meteen hoe laat het was, maar toch kreeg ook ik regelmatig een basisplaats.”

Jouw rol was opeens meer de ideale targetman. Per slot van rekening, als jij speelde gebeurde er altijd wel wat en boezemde je angst in bij tegenstanders.
“Ik kreeg inderdaad op de training vaak de opdracht om bewust even te provoceren zodat het vuurtje weer werd opgestookt. Dit beproefde recept gingen we dus ook regelmatig in wedstrijden uitproberen om zo tegenstanders uit het ritme te halen en angst in te boezemen ook al omdat ik 94 kilo woog. Zo kreeg ik al vrij snel deze rol toebedeelt en pikte ook af en toe nog mijn doelpuntje mee.”

Mag ik zeggen dat als Ajax 10 jaar eerder had aangeklopt, jij misschien meer geleefd had voor je sport dan nu ?
“Ach, misschien wel. Ik was nu al 34 jaar, had mijn eigen taxi en moest dus mijn gezin onderhouden. Vooral de training op maandag viel me zwaar en die mocht ik dan ook vaak overslaan, maar desondanks genoot ik enorm van dit toetje om bij Ajax te mogen spelen.”

Ondanks dat je niet vaak in de basis stond en het dus moest hebben van invalbeurten wist je toch nog zeven doelpunten te maken dat seizoen. De late gelijkmaker bij HBOK (1-1) en de meest spectaculaire goal in dat seizoen, die omhaal uit bij VVZ ‘49 (op 16 oktober 2010, 3-2 nederlaag), staan nog helder op mijn netvlies.
“Gerrie Breugem (trainer HBOK) en laatste man Daan Braspenning waren bekenden van mij en liepen mij al de hele tijd te dollen. “Beerens, jij oude kerel …. je kan er niets meer van !” Ik zei: “wacht maar af”. In de laatste 10 minuten val ik in en maak een doelpunt en nog wel diep in blessuretijd. Een niet te missen kans op de doellijn die ik nog even een tikkie mee gaf voor de gelijkmaker. Wat betreft die omhaal, die ook geweldig op de gevoelige plaat is vastgelegd door Rob (van Vliet, onze fotograaf) was natuurlijk het hoogtepunt. Al de hele wedstrijd bespotte de fanatieke aanhang van VVZ’49 mij met allerlei spreekkoren over mijn postuur, maar toen ik een kleine tien minuten voor tijd de 2-2 binnen schoot vanaf ruim 20 meter stonden zelfs de supporters van VVZ ‘ 49 te klappen.”

Toch ging je niet verder bij Ajax na dat ene seizoen hoewel ik begreep dat niet persé weg hoefde.
“Bart Logchies zou de nieuwe trainer worden en voerde ook met mij een gesprek waarin hij aangaf graag met mij door te willen gaan maar dan wel in dezelfde rol. Inmiddels bleef de opmars van OFC voortduren en ze wilde graag de Hoofdklasse bestormen. Een goede vriend en sponsor van de club vroeg mij of ik deel wilde uitmaken van de ambitieuze plannen die hij en de club hadden. Natuurlijk kriebelde dat, want OFC is mijn club en zo kon ik de cirkel uiteindelijk ook rond maken.”

Hoe kijk je dan uiteindelijk terug op jouw kortstondige periode bij Ajax?
“Met name met heel veel trots en plezier. Veel prachtige momenten met o.a. het trainingskamp in Portugal, de oefenwedstrijd tegen Ajax 1, de geweldige faciliteiten en de uitstekende relatie die ik had met heel veel mensen. Als ik nu op De Toekomst ben word ik nog steeds hartelijk ontvangen. Ja en ook met die kleine groep hondstrouwe supporters die door weer en wind overal naar toe gaan had ik een uitstekende band.”

Ondanks het korte huwelijk met Ajax heb je nog steeds contacten met diverse oud-spelers.
“Ja kijk dat heb ik dus ook nog overgehouden aan mijn periode bij Ajax. Mijn dorpsgenoot Paul Michielsen (nu nog spelend in Ajax 5), doelman Dennis van der Kraan en met Patrick van Dijk heb ik nog steeds regelmatig contact. Geweldig toch?”

Wat heb je na Ajax verder hebt gedaan in de voetballerij?
“Na nog 1 jaar OFC, waar we kampioen werden en promoveerden naar de Hoofdklasse, werd ik assistent van toenmalig trainer Imdat Ilguy. Dat deed ik twee seizoenen waarna ik terugkeerde naar het veld om voor OFC zaterdag 1 te gaan spelen. Hiermee werden we meteen ook kampioen in de 4e klasse en in mijn laatste seizoen scoorde ik zelfs 32 doelpunten! Inmiddels ben ik 44 jaar en speel ik nog steeds. Op zondag kun je me bewonderen in OFC 3, uiteraard just for the fun.”

Tot slot, wil je nog wat kwijt?
“Ik vond het niet alleen als speler een eer om voor Ajax te mogen spelen, maar ook nu om nog gevraagd te worden voor jullie prachtige website. Geweldig en hartstikke bedankt … dit had ik nooit verwacht! Jullie zullen mij gerust nog wel eens tegenkomen op De Toekomst en alvast heel veel succes volgend seizoen. Tegen Yuri Rose wil ik nog even zeggen dat hij me niet meer hoeft te vragen hahaha.”

Tekst: Marcel Wagenmakers
Foto’s: Rob van Vliet en www.ajax.nl

Share